B-Dent

"We houden elkaar scherp"

Boudewijn van den Bergh en Jacqueline Egger

Op aandringen van een wederzijdse vriendin maakten Jacqueline Egger en Boudewijn van den Bergh in 2007 met elkaar kennis. De rest is geschiedenis. Voor de mooiste glimlach in het Gooi – aldus de website – moet je bij hun praktijk zijn.

Laat hun kennismaking nou ook precies het moment markeren dat Boudewijn van den Bergh de beslissing had genomen zijn solopraktijk uit te bouwen naar een groepspraktijk. “Ik zat in een heel beschermd deel van Bussum. Ik had daar nog tot in lengte van jaren door kunnen blijven gaan met het verder cosmetisch perfectioneren met veel dure behandelingen. Maar ik wilde íedereen behandelen en een goede en goed toegankelijke tandarts blijven. Daar kwam bij dat ik patiënten van hot naar haar verwees. Voor een wortelkanaalbehandeling naar Amsterdam, voor een implantaat naar Amstelveen en ga zo maar door. Mijn patiënten accepteerden dat wel, maar op een gegeven moment vond ik dat zelf niet meer patiëntvriendelijk. Ik was weliswaar spin in het web, maar ik dacht: ik ga die disciplines zelf bundelen in één grote praktijk voor een brede doelgroep.” Jacqueline Egger had een ruime ervaring opgedaan in verschillende tandartspraktijken in Nederland, van Wormerveer tot Lexmond. Met haar voorkeur voor wortelkanaalbehandelingen vertegenwoordigde ze een mooie eerste stap voor het plan van Van den Bergh om een multidisciplinaire praktijk op te zetten. Het werd hun gezamenlijke missie. Inmiddels zijn ze bijna vijftien jaar verder en staat er een breed gespecialiseerde praktijk met zes behandelkamers. Van den Bergh: “En dat is ontzettend leuk omdat de kwaliteit door de hechte samenwerking enorm toeneemt. We houden elkaar scherp.”

Vrouwen: het gaat ergens over

“Het is gewoon leuk als je in zo’n groep werkt. Je kan samen behandelplannen bekijken en bespreken, je krijgt goede feedback”, vertelt Egger. “We hebben een heel leuk team met veel medewerkers die al heel lang bij ons werken. Een gezellige groep mensen”, vertelt Egger. Van den Bergh is op de ruim vijfentwintig medewerkers de enige man. Dat is geen opzet geweest maar meer een gevolg van de tendens dat er steeds meer vrouwelijke artsen en tandartsen bijkomen. Doet het iets voor de praktijk? Van den Bergh: “Wat mij opvalt is dat het vaker ergens over gaat. Er wordt volgens mij sneller en vaker onderkend als er iets speelt. Bijvoorbeeld als er iets met iemand aan de hand is, zoals een zware privésituatie door mantelzorg of thuisonderwijs van jonge kinderen. Daar wordt beter op gelet dan in een mannenbolwerk. Dan gaat het vaker over oppervlakkigheden. Wel heel belangrijke oppervlakkigheden natuurlijk”, voegt hij lachend toe.

Wij hebben het besluit genomen er vol voor te gaan

Alles behalve consolideren

Beiden geven aan dat het belangrijk is om met de tijd mee te gaan en bij te blijven op het vakgebied. Vooral de digitale tandheelkunde die nu aan een opmars bezig is. Van den Bergh: “Ik ben over de zestig en dan zou je kunnen denken, weet je wat, deze laat ik maar gaan, ik ga consolideren. Maar wij hebben het besluit genomen er vol voor te gaan. Dat vind ik nu ook zo leuk aan de Tandartsengroep. Daar zit alle kennis over deze nieuwe technieken al in. In alle vergaderingen die ik tot nu toe heb bijgewoond, heb ik nog nooit één moment achterover kunnen zitten. Allemaal willen we er wat van maken.” Egger: “Iedereen is inderdaad heel erg ambitieus. Het zijn tandartsen die het vak echt belangrijk vinden, er plezier in hebben en het gewoon echt goed willen doen. In andere praktijken maak je het ook wel eens anders mee; daar kan ik echt over meepraten.”

Onderscheidend vermogen

Van den Bergh vertelt dat hij de afgelopen jaren veelvuldig werd benaderd door ketens. “Allemaal hebben ze een mooi verhaal. Maar allemaal zit er altijd hetzelfde achter: je inlijven en dan al dan niet consolideren totdat iemand het overneemt.” Toen ze in contact met De Tandartsengroep kwamen, bleek daar een aantal tandartsen in te zitten die zij kenden. “Ik zag er een patroon in. Het zijn allemaal praktijken die onderscheidend zijn, die met plezier werken. Ik vond dat heel verfrissend. Bovendien heeft de groep oog voor continuïteit.” Egger vertelt dat het allemaal nog tamelijk pril is, de samenwerking binnen de groep. “Het is nog wennen. Corona heeft ook niet geholpen. Ik denk dat een aantal zaken nog goed van de grond moet komen. Het zou mooi zijn als er uitwisseling komt tussen bijvoorbeeld praktijkmanagers of assistentes in de groep, zodat ze niet het wiel opnieuw uit hoeven te vinden. En dat er een centrale database komt voor vacatures. Wat dat betreft is het alleen maar goed dat de groep nog gaat groeien.”

Adresgegevens

B-Dent

 

We maken graag kennis met je

Naar contact